Home Muziek Kistorgel CV Contact Orgel Contact

Geschiedenis van de orgels van de Goede Herderkerk

Op 14 januari 1959 bevestigt de orgelmaker Willem van Leeuwen Gzn uit Leiderdorp de ontvangen opdracht tot de bouw van een mechanisch pijporgel voor de Goede Herderkerk in Rotterdam-Schiebroek.

Het orgel wordt tijdens een gemeenteavond op 12 juni 1961 ingespeeld door lambert Erné, één van de adviseurs van de Orgelcommissie van de Nederlands Hervormde Kerk.

In 1962 wordt het eiken snijwerk boven de frontpijpen aangebracht door de Hilversumse kunstenaar H.F. Nassenstein.

Dispositie orgel 1962 (pdf)

Pijporgel voor begeleiding

De ruimte op de orgelgalerij aan beide zijden van het orgel, bedoeld voor een cantorij, blijkt niet geschikt te zijn voor cantorijzang omdat de stemgroepen elkaar slecht horen, maar ook omdat een groot deel van de cantorij de cantor niet kan zien. Daarom is er voor de cantorijen een speciale ruimte gecreëerd vóór in de kerk. Voor de begeleiding van het koor wordt daar in 1969 een klein mechanisch pijporgel van de orgelmakers Pels & van Leeuwen geplaatst.

Dispositie pijporgel voor koorbegeleiding (pdf)

Tremulant

In 1976 wordt er door dezelfde orgelmakers een 2e klavier met pedaal toegevoegd, dat elektrisch verbonden is met het toets- en registermechaniek van het hoofdwerk van het grote orgel. Hierdoor werd het mogelijk om op dir (koor)orgel ook gemeentezang te begeleiden.

In 1980 vindt een kerkrenovatie plaats waarbij de zachtboardplaten van het plafond en de akoestische tegels tegen de voor- en de achterwand van de kerk worden verwijderd om plaats te maken voor resp. gladde houten platen en stucwerk. de kerk, die voorheen een doffe akoestiek en geen nagalm bezat, krijgt door deze ingrepen een heldere akoestiek en een uitstekende nagalm.

Het hoofdorgel, geïntoneerd op de akoestiek van weleer, blijkt nu scherper en harder te klinken. Vandaar dat de toenmalige cantor-organist Addie de Jong in 1983 het verzoek doet het orgel milder van toon te maken en tevens uit te breiden met een zwelwerk om ook orgelwerken uit de ‘Romantiek’ te kunnen spelen.

Een orgel dat je hart raakt

Onder de naam “Een orgel dat je hart raakt” werden vele acties gevoerd ter werving van de benodigde financiële middelen. Begin 1986 kon aan de orgelmakers Louis J. Kramer & Zn. te Boskoop opdracht gegeven worden het bestaande orgel aan te passen aan de ruimte en het met een zwelwerk uit te breiden.

Om alle pijpen in het bestaande orgel goed te laten klinken, vond er in het hoofdwerk en het pedaal een kleine herindeling plaats. Een en ander leidde tot een andere samenstelling van de mixturen en bijplaatsing van een quint 2 2/3’ op het hoofdwerk.

De werkzaamheden waren uitgevoerd onder advies van de toenmalige cantor-organist van de Goede Herderkerk Addie de Jong, bijgestaan door Aad van der Hoeven, organist van de Hillegondakerk te Rotterdam-Hillegersberg.

Het gewijzigde orgel, nu hergeïntoneerd en voorzien van een zwelwerk, werd op 12 december 1986 in gebruik genomen.

Er ontbraken aan het concept echter nog drie registers, die in het zwelwerk wel mechanisch waren voorbereid, maar door het ontbreken van de benodigde financiële middelen nog niet konden worden voorzien van de pijpen ( fagot 16’, trompet 8’, trompet 4’).

Op de dag van de ingebruikname werd evenwel een schenking ontvangen die het mogelijk maakte de pijpen voor deze drie registers alsnog te laten plaatsen en daarmee het zwelwerk te voltooien.

Nadien werd nog de bestaande koperen subbas 16’, om dit register grondtoonrijker te maken, vervangen door een houten subbas.

Huidige Dispositie van het Hoofdorgel (pdf)